Ik werk voor de haven
Je hebt toegang tot afgesloten plaatsen of informatie. Die willen criminelen ook.
Criminelen gebruiken havens en schepen om te smokkelen. Daarvoor kunnen ze jouw hulp gebruiken. Maar een kleine vraag heeft al snel grote gevolgen. Je brengt jezelf, je familie en je collega’s in gevaar. Herken de signalen om jezelf en anderen te beschermen.
Iemand staat ergens waar alleen geautoriseerd personeel mag komen, zonder duidelijke reden of begeleiding. Denk aan personen die rondhangen bij kades, terminals, laadruimtes of toegangsdeuren.
Iemand vraagt naar vaarschema’s, containerlocaties, beveiligingsprocedures of toegangspassen terwijl die informatie niet nodig is voor zijn of haar werk. Criminelen proberen vaak eerst informatie te verzamelen.
Een persoon die je benadert met complimenten, cadeautjes, geld of “kleine gunsten”. Dit kan een eerste stap zijn om je afhankelijk te maken of onder druk te zetten.
Een container die plots verplaatst is, een zegel dat beschadigd lijkt, of lading die niet overeenkomt met de documenten. Kleine afwijkingen kunnen wijzen op manipulatie.
Auto’s die vaker dan normaal in de buurt staan, mensen die foto’s maken van operaties of die je volgen. Criminelen bereiden zich voor door informatie te verzamelen.
Plotselinge geheimzinnigheid, ongebruikelijke werktijden, stress, of invloed van buitenaf. Soms worden collega’s zelf onder druk gezet.
Losse bagage, pakketjes of voorwerpen die op onlogische plekken worden achtergelaten, zeker in de buurt van containers, laadruimtes of toegangspunten.
Iemand die je badge wil gebruiken, “even binnen wil kijken” of vraagt om een deur te openen. Criminelen zoeken heel vaak toegang tot verboden zones.
Berichten van onbekende nummers, voorstellen om buiten werktijd af te spreken, of iemand die aandringt op communicatie via privékanalen.
Bewegingen op momenten dat er geen operaties gepland zijn, voertuigen die op ongebruikelijke tijdstippen rondrijden, of mensen die zich verstoppen in een lading.
Iemand staat ergens waar alleen geautoriseerd personeel mag komen, zonder duidelijke reden of begeleiding. Denk aan personen die rondhangen bij kades, terminals, laadruimtes of toegangsdeuren.
Een persoon die je benadert met complimenten, cadeautjes, geld of “kleine gunsten”. Dit kan een eerste stap zijn om je afhankelijk te maken of onder druk te zetten.
Auto’s die vaker dan normaal in de buurt staan, mensen die foto’s maken van operaties of die je volgen. Criminelen bereiden zich voor door informatie te verzamelen.
Losse bagage, pakketjes of voorwerpen die op onlogische plekken worden achtergelaten, zeker in de buurt van containers, laadruimtes of toegangspunten.
Berichten van onbekende nummers, voorstellen om buiten werktijd af te spreken, of iemand die aandringt op communicatie via privékanalen.
Iemand vraagt naar vaarschema’s, containerlocaties, beveiligingsprocedures of toegangspassen terwijl die informatie niet nodig is voor zijn of haar werk. Criminelen proberen vaak eerst informatie te verzamelen.
Een container die plots verplaatst is, een zegel dat beschadigd lijkt, of lading die niet overeenkomt met de documenten. Kleine afwijkingen kunnen wijzen op manipulatie.
Plotselinge geheimzinnigheid, ongebruikelijke werktijden, stress, of invloed van buitenaf. Soms worden collega’s zelf onder druk gezet.
Iemand die je badge wil gebruiken, “even binnen wil kijken” of vraagt om een deur te openen. Criminelen zoeken heel vaak toegang tot verboden zones.
Bewegingen op momenten dat er geen operaties gepland zijn, voertuigen die op ongebruikelijke tijdstippen rondrijden, of mensen die zich verstoppen in een lading.